Geoblocking verboden door Europese Commissie

2018-05-15T08:45:13+00:00 14 mei 2018|E-commerce|

Met de Verordening inzake de aanpak van geoblocking en andere vormen van discriminatie van klanten op basis van nationaliteit, verblijfplaats of plaats van vestiging in de interne markt en tot tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2006/2004 en Richtlijn 2009/22/EG, komt eind 2018 een eind aan geoblocking.

De Verordening inzake de aanpak van geoblocking (verder: de “Geoblockingsverordening”) beoogt te voorkomen dat klanten worden gediscrimineerd op grond van nationaliteit, verblijfplaats of plaats van vestiging, met inbegrip van geoblocking, in grensoverschrijdende commerciële transacties tussen handelaren en consumenten met betrekking tot de verkoop van goederen en de verlening van diensten in de EU.

Wat is ‘geoblocking’

Er is sprake van ‘geoblocking’ wanneer handelaren die in een lidstaat opereren, de toegang tot hun online-interfaces, zoals websites en apps, blokkeren of beperken voor klanten uit andere lidstaten die grensoverschrijdende handelstransacties wensen te verrichten.

Waarom moet er een einde komen aan geoblocking?

Hoewel er soms een objectieve rechtvaardiging voor het verschil in behandeling van klanten uit verschillende lidstaten bestaat (bijvoorbeeld om te voldoen aan de wetgeving van een specifieke lidstaat), weigeren handelaren de consument die grensoverschrijdende handelstransacties wensen te verrichten, in andere gevallen toegang tot goederen en diensten, of passen zij in dit verband verschillende voorwaarden toe om zuiver commerciële redenen.

Door geoblocking wordt de vrijheid van de interne Europese markt beperkt. Bepaalde handelaren delen via geoblocking de interne markt kunstmatig langs binnengrenzen op en belemmeren daarmee het vrije verkeer van goederen en diensten. Zij perken de rechten van klanten in en verhinderen klanten te profiteren van een ruimere keuze en optimale voorwaarden. Dergelijke discriminerende praktijken vormen een belangrijke oorzaak voor het relatief geringe aantal grensoverschrijdende handelstransacties binnen de Europese Unie.

De Geoblockingsverordening treedt per 1 januari 2019 in werking. Daarmee wordt het verboden de toegang tot websites en andere elektronische interfaces te blokkeren of klanten door te leiden. Bijvoorbeeld van de versie voor het ene land naar die voor een ander land.

Wanneer en voor wie geldt de Verordening?

Artikel 1 lid 2 van de Geoblockingsverordening geeft aan op welke situaties de regels van toepassing zijn. De verordening geldt zowel voor in de EU gevestigde handelaren als voor handelaren die in daarbuiten zijn gevestigd maar goederen en diensten aan klanten in de EU verkopen of willen verkopen.

Consumenten, bedrijven en wederverkoop

Consumenten en ondernemingen moeten worden beschermd tegen discriminatie op grond van hun nationaliteit, verblijfplaats of vestigingsplaats wanneer zij optreden als klant in de zin van deze verordening. Deze bescherming moet echter niet gelden voor klanten die een goed of een dienst kopen met het oog op wederverkoop. Dit zou immers gevolgen hebben voor op grote schaal gebruikte verdelingsregelingen tussen ondernemingen in een zakelijke context, zoals selectieve en exclusieve distributie. Hierdoor kunnen fabrikanten over het algemeen hun detailhandelaren selecteren, met inachtneming van het mededingingsrecht. Groothandelsactiviteiten vallen dus niet onder de bescherming van de verordening.

Aanbieders van buiten de EU

De in de Geoblockingsverordening beschreven maatregelen gelden voor alle marktdeelnemers die in de Europese Unie actief zijn. Aanbieders van buiten de Europese Unie (EER) dienen dus ook aan deze regel te voldoen.

Wanneer en voor wie geldt de verordening niet?

De Geoblockingsverordening geldt niet voor audiovisuele diensten, diensten op het gebied van vervoer, diensten van de gezondheidszorg, gokactiviteiten, niet-economische diensten van algemeen belang en bepaalde sociale diensten.

Netflix en Spotify

Audiovisuele diensten, met inbegrip van de diensten die hoofdzakelijk toegang verstrekken tot uitzendingen van sportevenementen, en die worden verleend op basis van exclusieve territoriale licenties, vallen niet onder het toepassingsgebied van de verordening.

Vooralsnog hebben aanbieders zoals Netflix en Spotify dus geen last van de Geoblockingsverordening. Maar daar komt mogelijk in de toekomst wel verandering; volgens de herzieningsclausule (artikel 11) moet de Geoblockingsverordening op gezette tijden worden geëvalueerd. De eerste evaluatie moet in het bijzonder gericht zijn op de mogelijke uitbreiding van het verbod tot diensten die langs elektronische weg worden verricht, waarvan het belangrijkste kenmerk is het bieden van toegang tot en gebruik van auteursrechtelijk beschermde werken of ander beschermd materiaal, mits de handelaar over de nodige rechten voor de betrokken gebieden beschikt.

Niet-btw plichtige handelaren

Het verbod geldt eveneens niet voor handelaren die zijn vrijgesteld van btw op grond van hoofdstuk 1 van titel XII van de BTW-Richtlijn (Richtlijn 2006/112/EG). Voor deze handelaren zou het verbod namelijk een verplichting tot registratie impliceren om btw van andere lidstaten aan te rekenen. Dit zou extra kosten met zich mee kunnen brengen. Daardoor zou een verbod een onevenredige last zijn gezien de omvang en kenmerken van de betrokken handelaars.

Wetgeving van afzonderlijke lidstaten

Volgens de verordening dienen handelaren te handelen in overeenstemming met de in een bepaalde lidstaat geldende wetgeving. Dit kan met zich meebrengen dat het verbod in sommige gevallen niet geldt. Handelaren mag niet worden belet om dergelijke wetgeving, zoals bepaalde regels over de prijsstelling van boeken, na te leven.

Online interfaces

Handelaren mogen klanten niet via technologische maatregelen of anderszins verhinderen volledige en gelijke toegang tot online interfaces te hebben. Dit verbod mag echter niet worden opgevat als een verplichting voor de handelaar om commerciële transacties met klanten aan te gaan.

“online-interface”: software, met inbegrip van een website en toepassingen, die wordt beheerd door of namens een handelaar, die dient om klanten toegang te geven tot zijn goederen of diensten met het oog op commerciële transacties met betrekking tot die goederen of diensten.

Ongevraag doorleiden

Bepaalde handelaren gebruiken verschillende versies van hun elektronische interfaces, gericht op klanten uit verschillende lidstaten. Dat moet weliswaar mogelijk blijven. Klanten doorleiden van één versie van de online interface naar een andere versie, zonder diens uitdrukkelijke toestemming, wordt echter verboden. Alle versies van de online interface moeten te allen tijde voor de klant gemakkelijk toegankelijk blijven.

Het blokkeren of beperken van toegang tot een online interface of het doorleiden van klanten naar een online-interface om te voldoen aan wettelijke vereisten in de wetgeving van de Unie of de wetgeving van een bepaalde lidstaat, blijft wel toegestaan.

Algemene voorwaarden

De discriminerende praktijken vinden gewoonlijk plaats via algemene voorwaarden. Deze algemene voorwaarden voor de toegang omvatten onder meer de prijzen, de leveringsvoorwaarden en de betalingsvoorwaarden. Zij kunnen ter beschikking worden gesteld via diverse kanalen, zoals in advertenties, op websites of in (pre)contractuele documenten. Deze voorwaarden gelden zolang partijen geen andersluidende overeenkomst hebben gesloten waarover afzonderlijk onderhandeld is.

Algemene toegangsvoorwaarden

In een aantal specifieke situaties kunnen verschillen in de behandeling van klanten via de toepassing van algemene toegangsvoorwaarden, niet objectief worden gerechtvaardigd. In die situaties moet een dergelijke discriminatie in alle gevallen worden verboden en moeten klanten het recht hebben om commerciële transacties aan te gaan onder dezelfde voorwaarden als een lokale klant. Handelaren moeten daarom waar nodig maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat dit discriminatieverbod wordt nageleefd, indien de betrokken klanten anders zouden worden uitgesloten van een dergelijke volledige en gelijke toegang. Het verbod dat in die situaties van toepassing is, mag echter niet zodanig worden uitgelegd dat de handelaren wordt belet hun activiteiten te richten op verschillende lidstaten of op bepaalde groepen klanten met doelgerichte aanbiedingen en uiteenlopende voorwaarden, onder meer door landspecifieke online interfaces op te zetten.

De voorwaarden waarover tussen de handelaar en de klanten individueel wordt onderhandeld, mogen voor de toepassing van deze verordening overigens niet worden beschouwd als algemene toegangsvoorwaarden.

Specifieke actievoorwaarden

Handelaren mogen dus wel specifieke acties opzetten gericht op klanten in een bepaalde lidstaat, maar klanten uit andere lidstaten mag dus niet worden geweigerd om onder dezelfde voorwaarden de aankoop te doen of deel te nemen aan de actie. In de actievoorwaarden zal hier dus rekening mee moeten worden gehouden door de handelaar.

Betalingsvoorwaarden

Ook verbiedt de Geoblockingsverordening handelaren in een aantal situaties om verschillende betalingsvoorwaarden te hanteren om redenen die verband houden met de nationaliteit, de verblijfplaats of de plaats van vestiging van de klant, de locatie van de betaalrekening, de plaats van vestiging van de betaaldienstverlener of de plaats van afgifte van het betaalinstrument. Wel mag de handelaar een vergoeding vragen voor de afwikkelingsvergoeding die de handelaar zelf maakt voor het gebruik van het betaalinstrument, maar deze vergoeding mag niet hoger zijn dan de vergoeding die de handelaar zelf daarvoor betaalt.

Geschillen

Volgens de verordening moet de consument bijstand kunnen krijgen van bevoegde autoriteiten ter vergemakkelijking van de beslechting van geschillen met handelaren, die voortvloeien uit de toepassing van de Geoblockingsverordening, onder meer door een uniform klachtenformulier. Hoe dit klachtenformulier er precies uit komt te zien en waar dit op te vragen zal zijn, is nog onduidelijk.

Bevoegde autoriteit

Naar alle waarschijnlijkheid zal de Autoriteit Consument & Markt (ACM) de Geoblockingsverordening ten aanzien van consumenten gaan handhaven. Welke autoriteit de regels ten behoeve van bedrijven zal gaan handhaven moet nog nader door de overheid worden vastgesteld.

Gerelateerde artikelen

About the Author:

Bart Wiersma
Bart heeft ruim 10 jaar ervaring als jurist bij Confirmo. Werkte in het verleden voor Maatwerk Advocaten in Nijmegen en gaf voorlichting op de HAN Hogeschool. Hij studeerde af in de richting bedrijfsjurist bij DSV op de afdeling Legal en Claims.